|
REVU 1994 Ik had heel
|
|
Waarom heet je nieuwe CD Under a Blue Roof? Het is niet de titel van een van de nummers. Ik heb ooit een huis gezien. In Wassenaar staat het geloof ik. Dat is een heel ouderwets groot mooi landhuis met inderdaad blauwe dakpannen. Je hebt allemaal van die erkertjes en uitbouwtjes en verschillende daken. Je kan je heel goed voorstellen wat voor een fantastische zolder het daar moet zijn. Ik vond dat een mooie metafoor voor emoties. Zo'n zolder is erg beschut, maar het is ook dicht bij de hemel. De titel Under a Blue Roof slaat ook op het gevoel over hoe ik opgegroeid ben. Dat het een verdrietig dak was. Voor deze plaat zijn we echt gaan kijken naar wat Under a Blue Roof liedjes waren. Liedjes die over ‘binnen' en ‘buiten' gingen. Het is een plaat die minder over de liefde gaat dan eerdere. Mijn eerste politieke plaat. Haha! Je hebt iets met je stem gedaan hè. Ja, ik heb weer een paar zanglessen genomen. Mijn zang werd slechter doordat je altijd met die microfoons zingt. Het geluid wat je zelf maakt, wordt keihard versterkt. Het is een lichamelijke bezigheid, dat zingen, maar door die informatie van het geluid dat van overal naar je toe komt, raak je in de war. Dat voorzichtige wat ik van mezelf toch al heb, wordt zo alleen nog maar erger. Mijn nieuwe zangleraar zei: 'Het lijkt wel alsof je bang bent voor je eigen geluid.' Wat is dat dan: je eigen geluid? Dat is hoe hard ik eigenlijk kan zingen. Ik heb een exceptioneel zachte stem. Daar wordt dan veel rekening mee gehouden in hoe het geluid versterkt wordt. En dan heb je dus je geluid heel hard op het podium waardoor je nog meer schrikt van je eigen geluid. Zo stapelen de effecten zich op. Het is een proces over jaren. Ik denk dat het zo is gegaan: op een gegeven moment ben ik een grote liefde tegengekomen. Echt een heel grote liefde. Dat heeft me zo verschrikkelijk goed gedaan! En dan kan je dus ook beter jezelf bekritiseren. Als het niet goed gaat met jezelf zit je alleen maar te hozen terwijl de boot alweer vol loopt. Maar nu, na twee weken zangles, zong ik bij wijze van spreken al een halve octaaf hoger. Helemaal in het begin, op je eerste plaat. zong je eigenlijk het meest natuurlijk. Terwijl dat toch het dichtst nog bij die eerste zanglessen lag. Toen deed ik mijn techniek nog goed. Heb je recentelijk veel naar Sinéad 0'Connor geluisterd? Dat dacht ik hier en daar te horen aan je nieuwe manier van zingen. Helemaal niet. Ik luister sowieso weinig naar muziek, hoor. Eigenlijk helemaal niet. Ik denk dat dat komt omdat er dan teveel binnenkomt. Dat het teveel indruk op me maakt. Dan is het net alsof er een mens in de kamer komt te zitten. Het is zo sterk. Ik heb ook wel eens, als ik in de coffeeshop zit, dan hebben ze van die keiharde muziek aan. In zo'n geval moet ik na één nummer echt even naar buiten. Vind ik het zóóó goed! Heel af en toe heb ik wel eens een bandje van de World Party op mijn walkman. Dan kan ik wel dansen. Dus ik ben niet echt cool. Een beetje overgevoelig misschien. Ik ben laatst naar Oman geweest, dat oliestaatje. Daar zijn alle borden van de winkels identiek. Een rooie Arabische letter eromheen en dan zo'n Engelse blauwe blokletter. lk riep tegen mijn gezelschap: `Wauw! Vinden jullie het niet te gek hier?' Neem nou zo'n stad als Amsterdam met al die letters en die kleuren en al die mensen. Ik merk steeds meer dat ik eigenlijk een kluizenaar ben.
Je bent nu overgestapt van een kleine platenmaatschappij naar Sony, een
grote maatschappij. Het verhaal was dat ze bij Sony ook aan je internationale
carrière zouden gaan werken. |
|
Als je jezelf vergelijkt met tien jaar geleden, ben je dan veranderd? Het is dag en nacht verschil. Ik ben nu al een tijdje zo gelukkig als ik nog nooit ben geweest. Dus alles gaat makkelijker. Ik heb kennelijk zoveel opgeruimd en zoveel ontdekt over mezelf. Ik ben eigenlijk zo anders als dat ik dacht dat ik was. Ik word niet meer boos bijvoorbeeld. Ik werd altijd ontzettend kwaad. Uit gekwetstheid. En dat niet durven laten zien. Ik geloof dat ik er zelf nog het meest baat bij heb gehad dat ik zangeres ben geworden. Ik moest wel mezelf leren kennen. Anders was ik echt junk geworden. Of een of andere machtswellusteling. Of piloot. Dat niet. Je hebt broers. Wilden die piloot worden? Eentje ervan heeft het wel gewild. Geloof ik. Het is de ultieme jongensdroom natuurlijk. Maar ik kan me ook wel voorstellen dat als je vader piloot is dat je dat zelf juist niet meer wilt. Ik kan niet over mijn jeugd vertellen zonder allerlei persoonlijke informatie over andere familieleden prijs te geven. Daarmee zou ik dingen over anderen vertellen waarvan ik vind dat ik dat niet kan. Ik wil die verantwoordelijkheid niet dragen. Bovendien kun je het toch nooit meer terugdraaien. Daarom vind ik interviews ook altijd moeilijk. Omdat er zoveel onder werpen zijn waar ik niet over praat dat het een soort midgetgolfen wordt. |
![]() |
|
|